Kliogest 3 X 28 Comp
Op voorschrift
Geneesmiddel

Kliogest 3 X 28 Comp

  € 42,22

information-circle Terugbetaalbaar

Als je recht hebt op een terugbetaling voor dit geneesmiddel, betaal je in de apotheek een verlaagde prijs en niet de prijs die op onze webshop vermeld staat.

Terugbetalingstarief

€ 42,22 (6% inclusief btw)

Verhoogde tegemoetkoming

€ 42,22 (6% inclusief btw)

Belangrijke informatie

Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen in de apotheek.

Maximum toegelaten hoeveelheid in winkelwagen bereikt

  € 42,22
Op bestelling

Kliogest® is een hormonale substitutietherapie voor de symptomen van oestrogeendeficiëntie en preventie van osteoporose bij vrouwen in de menopauze. Deze therapie bestaat uit een vaste combinatie van oestrogenen en progestagenen.

4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik Voor de behandeling van postmenopauzale symptomen mag een HST alleen worden opgestart voor symptomen die de levenskwaliteit ongunstig beïnvloeden. In alle gevallen moeten de risico's en voordelen ten minste jaarlijks zorgvuldig tegen elkaar worden afgewogen en de HST mag alleen worden voortgezet zolang het voordeel opweegt tegen het risico. De gegevens omtrent de risico's verbonden aan HST in de behandeling van premature menopauze zijn beperkt. Echter, als gevolg van het lage absolute risico bij jongere vrouwen zou de risico-batenbalans voor deze vrouwen voordeliger kunnen zijn dan voor oudere vrouwen. Medisch onderzoek/opvolging Voordat met HST wordt gestart of wanneer het gebruik wordt hervat, moet een volledige persoonlijke en familiale anamnese worden afgenomen. Lichamelijk onderzoek (met inbegrip van gynaecologisch en borstonderzoek) dient plaats te vinden, rekening houdend met de anamnese en de contra-indicaties en voorzorgen bij gebruik. Tijdens de behandeling worden regelmatige medische onderzoeken aanbevolen waarvan de frequentie en de aard individueel worden aangepast. Aan de vrouwen moet worden meegedeeld welke borstveranderingen zij aan hun arts of verpleegkundige moeten melden (zie rubriek 'Borstkanker' hieronder). Onderzoeken, met inbegrip van geschikte beeldvormingsinstrumenten, bv. mammografie, dienen te worden uitgevoerd in overeenstemming met de geldende richtlijnen voor screening en aangepast aan de individuele klinische behoeften. Aandoeningen waarbij opvolging noodzakelijk is Indien één van de volgende aandoeningen aanwezig is, in het verleden aanwezig was en/of verergerde tijdens een zwangerschap of eerdere hormonale behandeling, moet de patiënte nauwgezet opgevolgd worden. Men moet er rekening mee houden dat deze aandoeningen kunnen terugkeren of verergeren tijdens de behandeling met Kliogest, in het bijzonder: – leiomyoom (baarmoederfibromen) of endometriose – risicofactoren voor trombo-embolische aandoeningen (zie hieronder) – risicofactoren voor oestrogeengevoelige tumoren, bv. borstkanker bij een familielid in de 1ste graad – hypertensie – leveraandoeningen (bv. leveradenoom) – diabetes mellitus met of zonder vasculaire verwikkelingen – cholelithiasis – migraine of (ernstige) hoofdpijn – systemische lupus erythematodes – voorgeschiedenis van endometriumhyperplasie (zie hieronder) – epilepsie – astma – otosclerose. Redenen om de behandeling onmiddellijk te staken De behandeling dient te worden gestaakt in geval van een contra-indicatie en in de volgende situaties: – geelzucht of verslechtering van de leverfunctie – significante stijging van de arteriële bloeddruk – het voor het eerst optreden van migraine-achtige hoofdpijn – zwangerschap. Endometriumhyperplasie en -carcinoom Bij vrouwen met een intacte baarmoeder is het risico op endometriumhyperplasie en -carcinoom verhoogd bij langdurig gebruik van oestrogeen alleen. Er wordt een verhoging van het risico op endometriumkanker gerapporteerd tussen 2 tot 12 bij gebruiksters van een oestrogeen alleen, vergeleken met niet-gebruiksters, afhankelijk van de duur van de behandeling en de oestrogeen-dosis (zie rubriek 4.8). Na stopzetting van de behandeling kan het risico verhoogd blijven gedurende ten minste 10 jaar. De cyclische toevoeging van een progestageen gedurende ten minste 12 dagen per maand/cyclus van 28 dagen of de introductie van een continu gecombineerde oestrogeen-progestageenbehandeling bij vrouwen die geen hysterectomie hebben ondergaan, voorkomt het verhoogde risico geassocieerd met het gebruik van een HST met oestrogeen alleen. Doorbraakbloedingen en spotting kunnen voorkomen gedurende de eerste maanden van de behandeling. Als doorbraakbloedingen of spotting blijven aanhouden na de eerste maanden van behandeling, als zij na enige tijd behandeling optreden of aanhouden na het beëindigen van de behandeling, moet de oorzaak ervan worden onderzocht. Dit kan inhouden dat een endometriumbiopsie nodig is om een maligniteit van het endometrium uit te kunnen sluiten. Borstkanker De algemene evidentie wijst op een verhoogd risico op borstkanker bij vrouwen die behandeld worden met gecombineerde oestrogeen-progestageenbehandeling of HST met alleen oestrogeen, afhankelijk van de duur van de inname van de HST. De gerandomiseerde placebogecontroleerde studie, de Women's Health Initiative (WHI) studie en een meta-analyse van prospectieve epidemiologische studies, zijn consistent in het vinden van een verhoogd risico op borstkanker bij vrouwen die behandeld worden met gecombineerde oestrogeen�progestageen HST, dat duidelijk wordt na ongeveer 3 (1-4) jaar gebruik (zie rubriek 4.8). Resultaten van een grote meta-analyse laten zien dat na het stoppen van de HST het extra risico afneemt. De tijd die nodig is voordat het extra risico weer is verdwenen hangt af van de duur van het HST gebruik. Wanneer HST langer dan 5 jaar werd gebruikt, kan het extra risico 10 jaar of langer aanhouden. HST, vooral gecombineerde oestrogeen-progestageenbehandelingen, verhoogt de densiteit van de mammografische beelden, wat storend kan zijn voor de radiologische opsporing van borstkanker. Ovariumkanker Ovariumcarcinoom is veel zeldzamer dan mammacarcinoom. Een grote meta-analyse van epidemiologische studies suggereert een licht verhoogd risico bij vrouwen die oestrogeen monotherapie of een gecombineerde oestrogeen-progestageen HST gebruiken, dat zichtbaar wordt binnen 5 jaar van gebruik, maar weer progressief afneemt na beëindiging van de behandeling. Sommige andere studies, waaronder de WHI-studie, suggereren dat het gebruik van combinatie HST mogelijk geassocieerd is met een gelijkwaardig, of iets kleiner risico (zie rubriek 4.8). Veneuze trombo-embolie HST is geassocieerd met een 1,3 tot 3 maal verhoogd risico op het ontstaan van een veneuze trombo�embolie (VTE), nl. een diepe veneuze trombose of een longembolie. De kans op een VTE is groter tijdens het eerste jaar van de HST dan daarna (zie rubriek 4.8). Patiëntes met gekende trombofilie hebben een verhoogd risico op VTE en het gebruik van HST kan bijdragen aan dit risico. Daarom is HST gecontra-indiceerd bij deze patiëntes (zie rubriek 4.3). Algemeen erkende risicofactoren voor het optreden van VTE zijn onder meer gebruik van oestrogenen, oudere leeftijd, een belangrijke chirurgische ingreep, verlengde immobilisatie, obesitas (BMI > 30 kg/m2 ), zwangerschap/postpartum periode, systemische lupus erythematodes (SLE) en kanker. Er is geen consensus inzake de mogelijke rol van varicose bij VTE. Het gelijktijdig gebruik van tranexaminezuur en orale anticonceptie wordt geassocieerd met een verhoogd risico op trombose. Zoals bij alle postoperatieve patiënten dienen profylactische maatregelen overwogen te worden om VTE na chirurgie te voorkomen. Indien na electieve chirurgie langdurige immobilisatie verwacht wordt, wordt aangeraden de HST 4 tot 6 weken voor de ingreep tijdelijk te onderbreken. De behandeling mag pas worden hervat als de patiënte weer volledig mobiel is. Bij vrouwen zonder persoonlijke voorgeschiedenis van VTE maar met een eerstegraadsfamilielid met een voorgeschiedenis van trombose op jonge leeftijd, zou screening aangeboden kunnen worden na zorgvuldige bespreking van de beperkingen ervan (slechts een beperkt deel van de trombofiele defecten wordt geïdentificeerd bij screening). Indien een trombofiel defect vastgesteld wordt, geassocieerd met een familiale voorgeschiedenis van trombose of indien het defect 'ernstig' is (bv. antitrombine-, proteïne S-, proteïne C-deficiëntie of een combinatie van meerdere defecten), is HST gecontra-indiceerd. Bij vrouwen die reeds een chronische antistollingstherapie krijgen, dient een zorgvuldige afweging van de risico-batenbalans van het gebruik van HST te worden gemaakt. Ingeval zich een VTE ontwikkelt na de aanvang van de behandeling, dient deze onderbroken te worden. Patiëntes moeten worden geïnformeerd dat zij direct contact dienen op te nemen met hun arts bij het optreden van mogelijke trombo-embolische symptomen (bv. pijnlijke zwelling van een been, plotselinge pijn op de borst, kortademigheid). Coronaire hartziekten Gerandomiseerde gecontroleerde studies hebben geen bescherming tegen myocardinfarct aangetoond bij vrouwen met of zonder coronaire hartziekte die een HST met oestrogeen-progestageencombinatie of met oestrogeen alleen kregen. Het relatieve risico op coronaire hartziekten gedurende het gebruik van een gecombineerde oestrogeen-progestageen HST is licht verhoogd. Aangezien het absolute risico op coronaire hartziekten op basisniveau sterk afhankelijk is van de leeftijd, is het extra aantal gevallen van coronaire hartziekten als gevolg van het gebruik van een oestrogeen-progestageenbehandeling heel laag bij gezonde vrouwen die dicht bij de menopauze zijn, maar dit risico zal stijgen naarmate de leeftijd stijgt. Ischemisch cerebrovasculair accident Behandelingen met oestrogeen-progestageencombinatie en oestrogeen alleen worden geassocieerd met een tot 1,5 maal hoger risico op een ischemisch cerebrovasculair accident. Het relatieve risico verandert niet met de leeftijd of de tijd die is verstreken sinds de menopauze. Aangezien het risico op een beroerte op basisniveau echter sterk afhankelijk is van de leeftijd, zal het totale risico op een cerebrovasculair accident bij vrouwen die een HST gebruiken, stijgen met de leeftijd (zie rubriek 4.8). Hypothyreoïdie De schildklierfunctie bij patiëntes die schildklierhormoonsubstitutietherapie nodig hebben, moet regelmatig worden gecontroleerd bij het gebruik van HST om ervoor te zorgen dat de schildklierhormoonspiegels binnen een aanvaardbaar interval blijft. Andere aandoeningen Oestrogenen kunnen vochtretentie veroorzaken en daarom moeten patiëntes met een verminderde hart�of nierfunctie van dichtbij gevolgd worden. Vrouwen met een vooraf bestaande hypertriglyceridaemie moeten zorgvuldig opgevolgd worden tijdens een oestrogeen- of een hormonale substitutietherapie, omdat tijdens oestrogeenbehandeling zeldzame gevallen werden gerapporteerd van een sterke toename van de plasmatriglyceriden die leidden tot pancreatitis. Exogene oestrogenen kunnen symptomen van erfelijk en verworven angio-oedeem opwekken of verergeren. Oestrogenen veroorzaken een stijging van het thyroxine-bindend globuline (TBG), wat kan leiden tot een toename van de totale spiegels van circulerende schildklierhormonen, gemeten als het eiwitgebonden jodium (PBI, protein bound iodine), de T4-spiegels (kolom of radio-immunoassay) of de T3-spiegels (radio-immunoassay). De resine-opname van T3 neemt af ten gevolge van de gestegen TBG-spiegels. De vrije T3- en T4-waarden blijven onveranderd. De serumspiegels van andere bindingseiwitten, zoals het cortisol-bindend globuline (CBG, cortisol binding globulin) en het geslachtshormoon-bindend globuline (SHBG, sex hormone binding globulin) kunnen ook toenemen, respectievelijk leidend tot een stijging van de bloedspiegels van corticosteroïden en geslachtshormonen. Vrije of biologisch actieve hormoonconcentraties blijven onveranderd. Andere plasma-eiwitten kunnen toenemen (angiotensinogeen/renine-substraat, alpha-1-antitrypsine en ceruloplasmine). HST verbetert de cognitieve functies niet. Er is enige indicatie van een verhoogd risico op waarschijnlijke dementie bij vrouwen die beginnen met het gebruik van een continu gecombineerde HST of oestrogeen alleen na de leeftijd van 65 jaar.

  • Hormonale substitutietherapie (HST) voor de symptomen van oestrogeendeficiëntie bij vrouwen in de menopauze die meer dan 1 jaar geleden hun laatste menstruatie hadden
  • Preventie van osteoporose bij vrouwen in de menopauze die een verhoogd risico op breuken vertonen en die geen andere geneesmiddelen, goedgekeurd voor de preventie van osteoporose, verdragen of voor wie deze geneesmiddelen tegenaangewezen zijn

Estradiol: Het werkzame bestanddeel is het synthetisch 17β-estradiol, chemisch en biologisch identiek aan het endogene humane estradiol. Het substitueert het verlies aan oestrogeenproductie bij menopauzale vrouwen en verlicht de symptomen van de menopauze.

Oestrogenen voorkomen het verlies van botmassa na de menopauze of na ovariëctomie.

Norethisteronacetaat: Synthetisch progestageen met een werking die vergelijkbaar is met die van progesteron, een natuurlijk vrouwelijk geslachtshormoon. Omdat oestrogenen de proliferatie van het endometrium stimuleren, leiden oestrogenen alleen tot een toegenomen risico op endometriumhyperplasie en -carcinoom. Toevoeging van een progestageen vermindert sterk het risico op endometriumhyperplasie door oestrogenen bij vrouwen bij wie de baarmoeder niet verwijderd is.

Verlichting van de menopauzale symptomen wordt bereikt vanaf de eerste weken van de behandeling

Iedere filmomhulde tablet bevat:

2 mg estradiol (als estradiolhemihydraat) en 1 mg norethisteronacetaat.

hulpstoffen:

Tabletkern:

  • Lactosemonohydraat
  • Maïszetmeel
  • Hydroxypropylcellulose
  • Talk
  • Magnesiumstearaat

Filmomhulsel:

Witte tabletten:

  • Hypromellose
  • Triacetine
  • Talk.

Gebruikt u nog andere geneesmiddelen? Sommige geneesmiddelen kunnen de werking van Kliogest verstoren. Dit kan leiden tot onregelmatig bloedverlies. Dit is van toepassing op de volgende geneesmiddelen:

• Geneesmiddelen tegen epilepsie (zoals fenobarbital, fenytoïne en carbamazepine) • Geneesmiddelen tegen tuberculose (zoals rifampicine en rifabutine) • Geneesmiddelen voor de behandeling van HIV-infecties (zoals nevirapine, efavirenz, ritonavir, elvitegravir en nelfinavir) • Geneesmiddelen voor de behandeling van hepatitis C (zoals telaprevir) • Geneesmiddelen tegen spondylitis ankylosans (fenylbutazon) • Kruidengeneesmiddelen op basis van sint-janskruid (Hypericum perforatum).

Andere geneesmiddelen kunnen de effecten van Kliogest verhogen:

• Geneesmiddelen die ketoconazol, itraconazol en voriconazol (antimycotica) bevatten.

HST kan de werking van sommige andere geneesmiddelen beïnvloeden:

• Een geneesmiddel tegen epilepsie (lamotrigine), omdat dit de frequentie van aanvallen kan verhogen • Geneesmiddelen tegen het hepatitis-C-virus (HCV) (zoals combinatietherapie van ombitasvir/paritaprevir/ritonavir met en zonder dasabuvir en ook een behandeling met glecaprevir/pibrentasvir) kunnen leiden tot verhoogde leverfunctie bloedtestresultaten (verhoogde waarde van het ALAT-leverenzym) bij vrouwen die gecombineerde hormonale anticonceptiva met ethinylestradiol gebruiken. Kliogest bevat estradiol in plaats van ethinylestradiol. Het is niet bekend of verhoging van het ALAT-leverenzym mogelijk is bij gebruik van Kliogest met deze HCV-combinatietherapie.

Kliogest kan een invloed hebben op een gelijktijdige behandeling met ciclosporine en tacrolimus.

Gebruikt u naast Kliogest nog andere geneesmiddelen, of heeft u dat kort geleden gedaan? Vertel dat dan uw arts of apotheker. Dat geldt ook voor geneesmiddelen waar u geen voorschrift voor nodig heeft en kruidenmiddelen of natuurgeneesmiddelen. Uw arts zal u raad geven.

4.8 Bijwerkingen Klinische ervaring De meest frequent gemelde bijwerkingen tijdens klinische studies met Kliogest zijn vaginale bloedingen en pijnlijke/gespannen borsten, beschreven bij ongeveer 10% tot 30% van de patiëntes. Vaginale bloedingen treden meestal op in de eerste maanden van de behandeling. Pijn aan de borsten verdwijnt gewoonlijk na enkele maanden behandeling. In de tabel hieronder worden alle ongewenste effecten weergegeven die tijdens gerandomiseerde klinische studies vaker zijn opgetreden bij patiëntes behandeld met Kliogest of met andere gelijkaardige HST-producten in vergelijking met placebo en die, in het algemeen, gerelateerd kunnen zijn aan de behandeling. Systemen/Organen Zeer vaak ≥ 1/10 Vaak ≥ 1/100; < 1/10 Soms ≥ 1/1.000; < 1/100 Zelden ≥ 1/10.000; < 1/1.000 Infecties en parasitaire aandoeningen Genitale candidiasis of vaginitis Zie ook "Voortplantings�stelsel- en borstaan�doeningen" Immuunsysteem�aandoeningen Overgevoelig�heid Zie ook "Huid- en onderhuid�aandoeningen" Voedings- en stofwisselings�stoornissen Vocht- en zoutretentie Zie ook "Algemene aandoeningen en toedieningsplaats�stoornissen" Psychische stoornissen Depressie of verergering van depressie Nervositeit Zenuwstelsel�aandoeningen Hoofdpijn, migraine of verergering van migraine Bloedvat�aandoeningen Oppervlakkige tromboflebitis Longembolie Diepe tromboflebitis Maagdarmstelsel�aandoeningen Misselijkheid Buikpijn, opgezette buik of onbehaaglijk gevoel in de buik Winderigheid of opgeblazen gevoel Huid- en onderhuid�aandoeningen Alopecia, hirsutisme of acne Pruritus of urticaria Aandoeningen van het skeletspierstelsel, het bindweefsel en de beenderen Rugpijn Beenkrampen Voortplantings�stelsel- en borstaandoeningen Pijnlijke of gespannen borsten Vaginale bloeding Oedeem of vergroting van de borsten Verergering of terugkeer van baarmoeder�fibromen, baarmoeder�fibromen Algemene aandoeningen en toedieningsplaats�stoornissen Perifeer oedeem Onwerkzaam�heid van het geneesmiddel Onderzoeken Gewichtstoename Ervaring na toelating op de geneesmiddelenmarkt Naast bovenvermelde bijwerkingen werden de onderstaande bijwerkingen spontaan gerapporteerd, en worden na algemene beoordeling beschouwd als mogelijk gerelateerd aan de behandeling met Kliogest. De frequentie van deze spontaan gemelde bijwerkingen is zeer zelden (< 1/10.000, niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald)). Het verzamelen van bijwerkingen na toelating op de geneesmiddelenmarkt wordt waarschijnlijk onderschat, in het bijzonder betreffende de meest voorkomende en goedgekende bijwerkingen van de geneesmiddelen. De beschreven frequenties moeten in deze context geïnterpreteerd worden: – Neoplasmata, benigne en maligne (inclusief cysten en poliepen): endometriumkanker – Immuunsysteemaandoeningen: veralgemeende overgevoeligheidsreacties (bv. anafylactische reactie/shock) – Psychische stoornissen: slapeloosheid, angst, vermindering of verhoging van het libido – Zenuwstelselaandoeningen: duizeligheid, cerebrovasculair accident – Oogaandoeningen: gezichtsstoornissen – Bloedvataandoeningen: verergering van hypertensie – Hartaandoeningen: myocardinfarct – Maagdarmstelselaandoeningen: dyspepsie, braken – Lever- en galaandoeningen: galblaasaandoening, galstenen, verergering of heroptreden van galstenen – Huid- en onderhuidaandoeningen: seborroe, huiduitslag, angioneurotisch oedeem – Voortplantingsstelsel- en borstaandoeningen: endometriumhyperplasie, vulvovaginale pruritus – Onderzoeken: gewichtsverlies, verhoogde bloeddruk. Andere bijwerkingen werden gerapporteerd met de toediening van oestrogeen�progestageenbehandelingen: – Huid- en onderhuidaandoeningen: chloasma, erythema multiforme, erythema nodosum, vasculaire purpura – Waarschijnlijke dementie na 65 jaar (zie rubriek 4.4) – Droge ogen – Verandering in de samenstelling van de traanfilm. Risico op borstkanker Een tot 2 maal hoger risico op de diagnose van borstkanker is gerapporteerd bij vrouwen die een gecombineerde oestrogeen-progestageenbehandeling volgden gedurende meer dan 5 jaar. Het verhoogde risico bij gebruiksters van een behandeling met alleen oestrogeen is lager dan het risico vastgesteld bij gebruiksters van een oestrogeen-progestageencombinatie. De mate van het risico is afhankelijk van de duur van het gebruik (zie rubriek 4.4).

• Aanwezigheid, voorgeschiedenis of vermoeden van borstkanker
• Aanwezigheid, voorgeschiedenis of vermoeden van oestrogeengevoelige kwaadaardige tumoren (bv. endometriumcarcinoom)
• Vaginale bloeding waarvan de oorzaak niet bekend is
• Onbehandelde hyperplasie van het endometrium
• Vroegere of huidige idiopathische veneuze trombo-embolie (diepe veneuze trombose, longembolie)
• Gekende trombofiele aandoeningen (bv. proteïne C-, proteïne S- of antitrombinedeficiëntie)
• Actieve of vroegere arteriële trombo-embolische aandoening (bv. angina pectoris, myocardinfarct)
• Acute leveraandoening of voorgeschiedenis van leveraandoening, zolang de leverfunctietesten niet genormaliseerd zijn
• Gekende overgevoeligheid voor de werkzame bestanddelen of voor een van de hulpstoffen
• Porfyrie.

4.6 Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding Zwangerschap Kliogest is niet aangewezen tijdens de zwangerschap. Indien tijdens de behandeling met Kliogest een zwangerschap optreedt, dient deze behandeling onmiddellijk te worden gestaakt. Klinisch tonen gegevens over een beperkt aantal vrouwen blootgesteld tijdens hun zwangerschap aan dat norethisteron ongewenste effecten had op de foetus. Bij hogere doses dan deze die normaal voor orale anticonceptie en HST worden gebruikt, werd masculinisatie van vrouwelijke foetussen waargenomen. Tot op heden hebben de resultaten van de meeste epidemiologische studies geen teratogeen of foetotoxisch effect aangetoond bij accidentele foetale blootstelling aan oestrogeen�progestageencombinaties. Borstvoeding Kliogest is niet aangewezen tijdens de borstvoeding.

Vrouwen < 65 jaar

  • 1 tablet per dag, zonder onderbrekin

Toedieningswijze

  • Inname bij voorkeur steeds op hetzelfde tijdstip van de dag
  • Indien de patiënte vergeten is een tablet in te nemen, dient deze zo spoedig mogelijk ingenomen te worden binnen de volgende 12 uur.
  • Indien meer dan 12 uur verstreken zijn, dient de tablet weggegooid te worden
CNK 1108059
Organisaties Novo Nordisk Pharma
Merken Novo Nordisk Pharma
Breedte 65 mm
Lengte 66 mm
Diepte 38 mm
Hoeveelheid verpakking 3
Actieve ingrediënten estradiol, norethisteron acetaat
Behoud Kamertemperatuur (15°C - 25°C)